Polyneuropathie

We spreken van neuropathie wanneer een zenuw van het lichaam zijn werk niet meer goed doet. Het gaat hier om zenuwweefsel, gelegen buiten de hersenen of ruggemerg. Als er meerdere zenuwen niet meer goed functioneren spreken we van polyneuropathie. Een polyneuropathie is een akelig ziektebeeld en gaat vaak gepaard met pijnlijke tintelingen, soms ook met brandende sensaties, bandvormige gevoelens rond de voeten of een doof gevoel van de voeten (voetzolen) en soms de handen.

Er zijn veel oorzaken te noemen. Soms gaat het om een tekort aan vitaminen uit de B-groep, soms om een auto-immuunziekte. Steeds meer wordt de polyneuropathie ten gevolge van een chemokuur gezien. Met name vincristine en cisplatine zijn beruchte middelen (casus 35). Maar ook zware metalen en insecticiden kunnen de boosdoener zijn. In casus 8 leest u de ziektegeschiedenis van mevr LB met een diabetische neuropathie. Diabetes is één van de ziekten die polyneuropathie als complicatie kent. Verder zijn er nog meer zeldzame oorzaken- het voert te ver die hier op te sommen.

Neuraaltherapie bij polyneuropathie 

Wanneer een patiënt een arts voor neuraaltherapie consulteert is de oorzaak van de polyneuropathie meestal bekend en zijn de reguliere behandelingen vaak al wel ingezet. Omdat we met neuraaltherapie altijd een verbetering van de regulatie van het autonome zenuwstelsel nastreven neemt de kans dat het orgaan (in dit geval het zenuwweefsel) weer beter zijn werk gaat doen vaak toe. De casussen 8 en 35 zijn hier een duidelijk voorbeeld van. De patiënt van casus 35 vertelde dat zijn klachten vooral na de pacemaker- operatie zo toenamen. We proberen dat neuraaltherapeutisch als volgt te begrijpen: de wond en het litteken van de pacemaker hebben bij de heer PB het vegetatieve evenwicht verder verstoord, waardoor – op afstand- de klachten van de polyneuropathie toenamen en niet meer beheersbaar waren. Na twee behandelingen waarin ook het litteken van de pacemaker werd behandeld was er duidelijk al een verbetering. Hier zien we een principe van de neuraaltherapie: probeer alle stoorzenders uit te schakelen (in het bovengenoemde geval dus de storende littekens van de operatie) zodat het vegetatieve zenuwstelsel zich kan "resetten".

Conclusie: de behandeling van polyneuropathie met neuraaltherapie kan zeker zinvol zijn. Helaas zal een behandeling niet altijd zo’n gunstig beloop hebben als in de voornoemde gevallen: iedere arts voor neuraaltherapie heeft zo zijn teleurstellingen (wat voor de betreffende patiënt uiteraard nog het meest vervelend is).

© 2014 - AVIG Nederlandse Vakgroep Neuraal- en Regulatietherapie NVNR - E-mail